zaterdag 9 oktober 2010

Proces Bulkley in de krant van 14-01-1886 vervolg

Proces-Bulkley.
(Vervolg)

Gerritje v. d. Vuurst, huisvrouw van Antonie van der Elst, heeft verleden jaar een kostganger bij zich gehad, genaamd Meerland. Deze vertelde haar dat hij bij mevrouw Bulkley was geweest en deze hem 6 couverten elk met ƒ 6()0 had gegeven om kinderen te schaken. Meerland kocht een en ander voor 't geld. Zij kreeg een horloge met ketting, waarop Meerland naar zijne familie in België met baar ging. Hij dreigde haar, zij werd beangst, zij kreeg van een hotelhouder ƒ6O en vertrok weer naar Apeldoorn. Meerland kwam in Juli terug, zij gaf hem het horloge en hoorde nimmer meer van bem. Zij was draarop den Heer Hoek gaan waarschuwen. Deze nam er weinig notitie van, stuurde echter zijn knecht mede naar den kantonrechter voor aangifte; ook deze geloofde het niet, doch maakte proces-verbaal op. Meerland vertelde opzichter te zullen worden van eene kinder-speelplaats en toonde meermalen geld. Haar redenen van mededeeling waren dat, indien Meerland zijn gang ging, er eene misdaad zou gebeuren. Ook bij Mevrouw Bulkley was zij eerst geweest om de papieren terug te vragen van Meerland. Mevrouw Bulkley ontkent hem het geld gegeven te hebben, wel dat Meerland om ondersteuning vroeg, hetgeen zij weigerde, waarop Meerland haar voor plus minus ƒ3500 heeft bestolen door het geld van tafel te nemen. Zij vervolgde hem niet, wijl zij bang was voor gevolgen. Getuige Johannes Vlaskamp, ie Leenen, deelt mede, dat Jan Koetsier en Willem Donk op zekeren nacht bij hem kwamen om den weg te vragen naar Wije, en hij in den stal menschen vond die hij van Oenen naar de Vecht reed. Hij meent dat er vrouwen bij waren en kreeg voor zijne moeite ƒ 7.50, waarop hij was doorgegaan naar Apeldoorn. Willem Donk, arbeider in dienst van mevr. Bulkley, is met den koetsier, thans overleden, naar Oene gegaan, waar een man in het rijtuig kwam. Zij reden naar Apeldoorn, wat er echter gesproken is, weet hij niet daar bij voerman was en de anderen binnen in zaten. Later meent hij juftrouw Schlingemann naar Deventer gereden te hebben.

Als getuige a decharge treedt thans voor Mr. A. F. de Ras, advocaat te 's-Gravenhage. Is de Bas, een oude akademievriend van den Heer Hoek en benoemd, met voorbijgang van oom Schlingemann, tot toeziend voogd over de kinderen, op verzoek van den vader? — alzoo werd gevraagd. Antwoord: ja.

i (De zitting duurt voort .)